

13
JURGEN STREPPEL
gehad ja. Zonder over de ins en outs naar buiten te treden kan ik
zeggen dat dat erg vervelend was. Maar toen we eenmaal samen de
knoop hadden doorgehakt moesten we wel weer verder en dat gaat
dan heel snel in de voetballerij. Dat er meer druk op kwam te staan
na die beslissing heb ik niet zo ervaren.”
In u eerste jaar als technisch manager deed u gelijk goede zaken
en haalde voor Jupiler Leaguebegrippen goede spelers naar Tilburg.
Wat deed u anders dan u voorgangers?
“Ik heb geen zin om in termen te praten van dat ik en wij als team
dingen beter zouden hebben gedaan dan mijn voorgangers. Omdat
het dan net lijkt of wij alles goed doen en dat is niet zo. Wel is er een
duidelijk beleid en een visie van hoe we met mensen om willen gaan
en hoe we willen voetballen. En als je dan een goed plan hebt en je
kunt jongens enthousiast maken dan ben je al een heel eind.”
Dat klinkt vrij bescheiden voor iemand die in de Eredivisie gewilde
spelers als Boymans en Messaoud naar Tilburg wist te halen.
“Het gaat erom dat je mensen een bepaald gevoel kunt geven. Zorgt
voor een duidelijke structuur, inzicht geeft in de faciliteiten die hier
top zijn en in de visie van de club. En eerlijk is eerlijk als je in dit
stadion rondloopt en je staat op de middenstip dan ben je al snel
verkocht. Daar komt geen hogere wiskunde bijkijken.”
De constante druk van de buitenwacht was heel het
jaar hoog. Hoe hebben jullie als technische staf de
spelersgroep daartegen gewapend?
“De jongens lezen en horen natuurlijk ook veel.
En we hebben hier in het stadion van die
mooie schermen hangen en elke week
verscheen daar wel een foto van de
Heuvel op. Daar wilden we ook naar
toe met zijn allen maar dat kun je pas
bereiken als je elke week gewoon op het
veld je ding doet. Dat hebben we ook
steeds benadrukt. Van week tot week
kijken. De spelersgroep heeft dat
prima opgepakt en dat was onze
kracht denk ik.”
Na de nederlaag tegen Jong
FC Twente in november stonden
jullie liefst tien punten achter op
FC Dordrecht.
“Ja, maar ook toen zijn we niet in
paniek geraakt en rustig gebleven.
Ik heb het al vaker gezegd, de Jupiler
League is de meest bizarre competitie
van Europa waarin alles mogelijk is.
Dat bleek die wedstrijd maar eens. De
eerste helft die we toen speelde vond ik
misschien wel de beste die we dit seizoen
op de mat hebben gelegd maar de tweede
helft de minste.”
Waaraan wijt u die wisselvalligheid die met name
de eerste seizoenshelft boven kan drijven?
“Dat weet ik niet. Daar hebben we het vaak met de jongens over
gehad maar we hebben niet precies de vinger op de zere plek weten
te leggen. Misschien dat er onbewust wat gemakzucht in het team
sloop omdat we toch wel veel de bal hadden en we vrijwel altijd de
bovenliggende partij waren in een wedstrijd. Maar als dat het was
dan weet je dat je dat niet kunt veroorloven in de Jupiler League.
Daarnaast zat er soms teveel haast in het spel. Dat had ook met
het verwachtingspatroon te maken. Als we hier thuis niet snel op
voorsprong kwamen of een voorsprong niet snel genoeg uitbreidde
tegen de mindere goden wist je dat het publiek begon te morren
waardoor er vaak de bal te snel naar voren werd verplaatst en er niet
goed naar de gerichte bal werd gezocht. Na de winterstop is dat uit
het spel verdwenen en hebben we op de wedstrijd tegen VVV na niet
meer verloren.”
Hoe verdween die onrust uit het team na de winterstop?
“Door de bewustwording van die gasten dat het niet alleen gaat
om balbezit zoals wij in Nederland altijd graag willen maar om
doelpunten en om winnen.”
Net als twee jaar geleden ging het team pas echt constant
presteren en veel wedstrijden winnen na de winterstop.
Wat is het geheim daarachter?
“Ik ben niet iemand die beslissingen neemt op basis van één
wedstrijd. Ik vind dat je een team moet ontwikkelen en daarin
moet je mensen vertrouwen geven. Ik denk dat
iedereen gebaat is bij rust en duidelijkheid. En
dat betaalt zich gaandeweg een seizoen uit.”
Twee jaar geleden eindigde het met een
feest op de Heuvel, nu weer. Maar voelde
deze promotie anders?
“Twee jaar geleden was de ontlading na
de wedstrijd tegen Den Bosch gigantisch
maar ik vind deze promotie wel
mooier. Ten eerste omdat je het als
kampioen afdwingt in plaats van via
de Play offs. En ten tweede omdat
ik er, door de beide functies die ik
bekleed, nog meer tijd en energie
in hebt gestoken. Om dan leiding
te geven dat maakt het wel heel
mooi ja.”
Hoe lastig is het om beide functies te
combineren? Ook voor het thuisfront?
“De club had het financieel moeilijk
en vroeg me om beide functies te
combineren. Dit had ik bij Helmond Sport
al twee jaar gedaan en dat ging wel aardig.
Maar Willem II is als club van een andere
orde dan Helmond Sport. Een grotere club,